*

Voetbal International
Home / Achtergronden / Columns / Johan Derksen

Utrechtse jochies, nostalgie en gebakken lucht

31/10/2011 10:00

Het liefst had FC Utrecht-eigenaar Frans van Seumeren zijn trainer Erwin Koeman al na zes weken ontslagen. De coach wilde Ismaïl Aissati als versterking, maar die was te duur. Daarom haalde de club als alternatief een ander Utrechts jochie van Ajax, Rodney Sneijder. Er moesten snel zaken worden gedaan, maar Koeman was weer eens niet telefonisch bereikbaar, waardoor technisch directeur Foeke Booy en Van Seumeren tot actie overgingen.

Later die dag, na de 2-1 nederlaag tegen Vitesse in Arnhem, reageerde Koeman als een stampvoetend verwend kind. Zijn ego was dusdanig gekrenkt dat hij zelfs met spraakmakende teksten kwam. Hij wist nergens van, was er niet bij betrokken, dreigde met opstappen en wilde een gesprek. Van Seumeren ergerde zich dood, schoof aan voor een zinloos onderhoud met de in zijn eer aangetaste trainer en diens zaakwaarnemer, en gunde Koeman in het belang van de club een eervolle aftocht.

De selfmade miljonair zat zich te verbijten tijdens het gesprek. Iedere werknemer bij een van zijn bedrijven die zich zo egocentrisch opstelde door een rel te veroorzaken en de directie te beschadigen, zou op staande voet worden ontslagen. Van Seumeren hield zich in, omdat hij zijn sociale uitstraling niet wilde beschadigen. Hij had Willem van Hanegem, met zijn complete technische staf, en Ton du Chatinier al weggestuurd en nam het ijdele geneuzel van zijn nieuwe trainer maar op de koop toe. Daarbij was er geen geld voor een opvolger en in Jan Wouters zag Van Seumeren geen hoofdcoach. Koeman acteerde vervolgens in de media de morele overwinnaar, maar hij werd vanaf dat moment slechts getolereerd.

Zondag 15 juni 1958, het was een bloedhete dag, zat ik met mijn opa tussen 38 duizend toeschouwers in De Goffert. De trots van het oosten, SC Enschede, speelde in Nijmegen tegen DOS om het kampioenschap van Nederland. Mijn voorkeur ging uit naar SC Enschede, maar bij DOS stond mijn idool Frans de Munck in het doel, waardoor ik uiteindelijk tevreden naar huis ging, nadat Tonnie van der Linden de club uit Utrecht naar de landstitel had geschoten.

'Eindelijk kreeg aanvoerder Tonnie van der Linden de kans om zijn behendigheid met de bal te demonstreren', schreef sportjournalist Martin Bremer een dag later in Sport & Sportwereld. 'Om daarna een schot te lossen dat doelman Jan van der Wint blijkbaar totaal verraste. Vrijwel op hetzelfde moment was Van der Linden verdwenen, bedolven onder zijn uitgelaten medespelers. Even later verscheen hij weer, nu op de schouders van de vele Utrechtse supporters die meteen bezit hadden genomen van de grasmat. Het doelpunt van Van der Linden betekende dat DOS voor het eerst in zijn bestaan kampioen van Nederland was geworden.'

Tonnie van der Linden was het boegbeeld van het Utrechtse topvoetbal. Frans de Munck was een vedette, dienstplichtig militair Hans Kraay senior een groot talent. Verder beschikte DOS over spelbepaler Louis van den Bogert, linksbuiten Cor Luiten, routinier Henk Temming en de snelle midvoor Dirk Lammers. Hoewel Utrecht een voetbalbolwerk was met de profclubs DOS, Elinkwijk en Velox, is dat succes uit 1958 nooit geëvenaard. Later bracht de stad onder anderen Willem van Hanegem, Jan Wouters, Hans van Breukelen, Gerald Vanenburg, Marco van Basten, Rob de Wit, Leo van Veen, Wesley Sneijder en Ibrahim Afellay voort, maar de drie genoemde clubs leidden een zieltogend bestaan. Een fusie leek de oplossing, maar sentimenten hielden het samengaan tegen.

Onder druk van de gemeente, die de financiële tekorten van de drie clubs niet wilde aanvullen, kwam de fusie op 1 juli 1970 alsnog tot stand. Intussen voert FC Utrecht al ruim veertig jaar een wanhopige strijd om zich structureel in de subtop van de Eredivisie te nestelen. De komst van suikeroom en grootaandeelhouder Van Seumeren gaf de trouwe aanhang weer moed, maar door de recente ontwikkelingen is de club aan het zoveelste verloren seizoen bezig.

Van Seumeren wilde Co Adriaanse als technisch verantwoordelijke man, een zwaargewicht. Toen dat niet lukte, contracteerde hij Foeke Booy als technisch directeur, voor een ridicuul jaarsalaris. Dat was niet slim, want Booy is een controlfreak met een diploma Coach Betaald Voetbal. Hij zal zich altijd overal mee bemoeien en nooit een sterke persoonlijkheid aantrekken als trainer, omdat hij zichzelf dan liquideert. Koeman mocht nog niet in de schaduw van Adriaanse staan en is zo'n coach die volledig afhankelijk is van zijn materiaal.

FC Utrecht beschikte over een uitstekende selectie toen de trainer afgelopen zomer zijn contract tekende, maar op het moment dat de competitie begon, waren Dries Mertens, Tim Cornelisse, Michael Silberbauer, Kevin Strootman, Ricky van Wolfswinkel en Michel Vorm vertrokken. Toen wist Koeman al dat er geen eer te behalen was. En dat hij na Feyenoord en het nationale elftal van Hongarije voor de derde keer roemloos ten onder zou gaan. De leiding van FC Utrecht had geen keus. Er dreigden opnieuw forse tekorten, de eigenaar had al 35 miljoen euro in zijn club gestoken, Van Seumeren is wel rijk, maar niet gek.

Als FC Utrecht de spelers aan hun contract had gehouden, was Koeman opgezadeld met ontevreden en rebellerende voetballers. Daarom heb ik best begrip voor zijn frustraties. Hij koos voor een ambitieuze club met mogelijkheden en werd na zijn komst geconfronteerd met een elftal dat waarschijnlijk het linkerrijtje niet haalt. De drogreden die hij vervolgens aangaf voor zijn vertrek was goedkoop en laf. Hij miste privacy op trainingscomplex Zoudenbalch en beschikte niet over een eigen kantoor. Maar hij tekende met zijn volle verstand een contract en een trainer brengt meer tijd door op het trainingscomplex dan in Stadion Galgenwaard.

Koeman wist waaraan hij begon. Hij kon het niet opbrengen met een afgeroomde selectie aan het werk te gaan en het elftal opnieuw op te bouwen. Dat kan, maar zeg dat dan gewoon. Hij heeft zichzelf geen dienst bewezen met deze slappe houding, die voor veel clubs een reden zal zijn hem in de toekomst niet te contracteren. Het pijnlijkste is nog dat niemand bij FC Utrecht in de war is van zijn vertrek. De spelers niet, de rest van de technische staf helemáál niet en de beleidsbepalers zijn blij dat hij zonder afkoopsom opstapte.

De keiharde saneerder Martin Sturkenboom liet FC Utrecht in de zwarte cijfers achter. Dat wist zijn opvolger, voorzitter Jan Willem van Dop, niet te continueren. Allerlei snelle marketingjongens kwamen langs, maar Van Dop werd de rode cijfers nooit de baas. De ijdele en pedante voormalige tennisleraar was de tegenpool van de eigenaar, waardoor de breuk een kwestie van tijd was. Intussen is de nieuwe algemeen directeur Wilco van Schaik de zoveelste sterke man namens Van Seumeren. Hij verdient het voordeel van de twijfel, maar Stadion Galgenwaard is een kerkhof voor commerciële hotemetoten.

In de wandelgangen wordt al duidelijk dat er binnenkort opnieuw verontrustende cijfers naar buiten komen. Ook de technische leiding is onevenwichtig. De vaak geroemde Utrechtse jochies gunnen elkaar het licht in de ogen niet, maar moeten de club wél samen runnen. Jan Wouters bewijst al jaren dat hij ongeschikt is als hoofdtrainer en boegbeeld. Maar toen Koeman vertrok, vond hij zichzelf plotseling geroepen de macht te grijpen. De geluiden dat hij niet loyaal is, nemen toe.

Huub Stevens wantrouwde hem bij PSV en Ton du Chatinier had zijn twijfels bij FC Utrecht. Wouters krijgt nu een koekje van eigen deeg, want zijn assistent Rob Alflen is blind van ambitie en wil hoofdcoach worden. Hetzelfde geldt voor jeugdtrainer Jean-Paul de Jong. Ook FC Volendam-coach en voetbalanalyticus Gert Kruys van RTV Utrecht lonkt naar zijn vroegere club. Op advies van de voormalige directeur Han Berger gaf hij zijn spaargeld in handen van een investeerder. Berger haalde zijn euro's op tijd terug, maar vergat dat Kruys te melden, waardoor de trainer helemaal blut is en aan de bak moet.

Deze Utrechtse jochies hebben alle vier dezelfde ambitie: hoofdtrainer van FC Utrecht worden. Daardoor zullen het wantrouwen en de onrust alleen maar toenemen. Ze hebben slechts één ding gemeen: ze moeten niets hebben van technisch directeur Booy.

Van Seumeren heeft de beste bedoelingen met zijn club. Hij hoopt Marco van Basten als hoofdtrainer naar FC Utrecht te halen en blijft zoeken naar een grote naam, maar geld om het elftal te versterken is er niet. Ik kan me goed voorstellen dat Van Seumeren zich intussen afvraagt waaraan hij begon, want het heeft hem een vermogen gekost. Het is zijn eigen schuld. Als eigenaar moet hij erbovenop zitten en niet voortdurend met zijn andere bedrijven bezig zijn. Zeker niet als hij zijn hobbybedrijf in handen geeft van een groepje lichtgewichten dat wordt gedreven door eigenbelangen en met het nodige leedvermaak collega's ziet sneuvelen. Die romantiek over Utrechtse jochies is gebaseerd op gebakken lucht en nietszeggende nostalgische gevoelens.
Johan Derksen

SPELERS

CLUBS

COMPETITIES

WEDSTRIJD

'Arjen is een belangrijke speler, hij verzekert onze club van een goede toekomst'
Karl-Heinz Rummenigge, bestuursvoorzitter van Bayern MÜnchen in Voetbal International.