Als Johan Cruijff echt schrikt, kijkt hij heel anders
07/11/2011 09:00
Ik stond een keer in een lange file in de Amsterdamse Scheldestraat. Dat is niet zo verrassend, want hoewel de inwoners van onze hoofdstad soms doen alsof ze door god zelf naar deze heilige oase van beschaving zijn geleid, staat er regelmatig een lange file in de Scheldestraat. Dit keer in elk geval lang genoeg om achter het stuur uit verveling de krant te gaan doorbladeren. Daardoor vergat ik de tijd.
Het speelde allemaal een paar jaar terug, op 31 mei 2006 om precies te zijn, toen de berichten over Ajax in de dagbladen nog gewoon werden gelardeerd met foto's van voetballers en niet van mannen met stropdassen. Het was een andere tijd. Zoals altijd bij Ajax turbulent, dat wel, maar minder ondoorzichtig dan nu. Twintig dagen eerder was Danny Blind als trainer ontslagen en na de bekerwinst, aan het begin van diezelfde maand, hadden supporters zoals gebruikelijk het Leidseplein ongevraagd gerenoveerd.
Maar, afgezien van ingecalculeerde incidenten als slopende supporters en ontslagen trainers, hing er lang niet zo'n zwarte wolk boven De Arena als nu het geval is. Cruijff zat in elk geval nog gewoon rustig ergens op een berg in de buurt van Barcelona en de enige bestuursvergadering was die 31ste mei net een avond eerder gehouden. Het ging in De Arena toen over het fuseren van twee supportersclubs. Niemand maakte ruzie met elkaar en ook werd er niet gelekt. Wel kwam er een nieuw logo alsmede een vers bestuur en werd de contributie vastgesteld op tien euro. Daarna gingen alle Ajacieden als vrienden uiteen.
In de Scheldestraat was ik halverwege de sportpagina, toen er achter me opeens werd getoeterd. Ik schrok op uit mijn krant. Voor mijn neus doemde een lege strook klinkers op. De achterlichten van mijn voorganger wenkten als kleine rode stipjes aan de horizon. Ik gooide de krant opzij, stak ter verontschuldiging mijn hand omhoog, gaf vol gas en trapte toen meteen ook weer bovenop op mijn rem. Er waren net twee mannen de Scheldestraat overgestoken. Dat was me ontgaan. Ik had ze bijna geschept. Ze stonden nu allebei met hun benen uit elkaar en de handen op mijn motorkap, zo'n vijf centimeter van mijn bumper. Allebei leken ze iets voorover te buigen, alsof ze er zeker van wilden zijn dat ik hun verbaasde gezichten goed kon zien, maar dat was niet nodig. Ik had ze zo ook wel herkend. Het waren Piet Keizer en Johan Cruijff.
Als ik via de Scheldestraat onze hoofdstad inrijd ben ik altijd op heel veel voorbereid, maar niet op een situatie waarin ik Piet Keizer en Johan Cruijff bijna doodrijd. Ik schrok me te pletter. De twee iconen van Ajax, Keizer uiteraard links van Cruijff, dat verwacht je niet. En zeker niet op je eigen motorkap, halverwege een middag in mei, ergens ter hoogte van broodjeszaak Sal Meijer en de winkel van Minne Sluiter, de stofzuigerspecialist.
Ik moest aan dat voorval denken, toen ik Johan Cruijff weer eens soeverein De Arena zag uitrijden. Hulde aan de cameramensen van de NOS en al die andere omroepen, de geluidsmannen- en vrouwen, en al die verslaggevers die bereid zijn tot diep in de nacht te kleumen aan de voet van een betonnen parkeerdek, ergens in een tochtige uithoek van Amsterdam, alleen voor een shot van Johan Cruijff die in rouwstoet tempo onder een slagboom doorrijdt.
Toen het laatst weer eens zo ver was, stonden ze er gelukkig allemaal weer. Trouw werd de zoveelste processie richting Barcelona vastgelegd. Het was ook te mooi om te laten schieten. Cruijff was schriftelijk tot de orde geroepen door zijn medecommissarissen. Vanavond had hij zijn gezicht weer eens laten zien. En nu ging hij naar huis.
Het was door het flauwe schijnsel bij de slagboom moeilijk vast te stellen wat de gemoedstoestand was waarin Cruijff De Arena verliet en of het nu verbazing was die op zijn gezicht stond getekend of gewoon haast om op tijd in het vliegtuig naar Barcelona te zitten. Maar sinds die vreemde middag in de Scheldestraat, toen hij een ogenblik als versteend met zijn handen op mijn motorkap stond en me aanstaarde met een blik alsof ik zojuist een bazooka op hem had gericht, weet ik één ding heel zeker: Johan Cruijff was niet erg geschrokken, want dan kijkt hij heel anders.
Michel van Egmond
SPELERS
CLUBS
COMPETITIES
WEDSTRIJD
-
ANIMATIE QUIZ
VI Helden Quiz: wie schreven in München geschiedenis -
IN DE KANTLIJN
Telstar vraagt KNVB om toestemming voor blauw veld -
ELFTAL VAN HET JAAR
Volgers VI.nl zien geen plaats voor Sno in Elftal vh Jaar -
SPELER VAN DE DAG
Falcao zorgt voor unicum met tweede EL-triomf op rij
-
VANAF DE BANK
Grote namen van het toneel in Europese topcompetities -
CLUB IN HET NIEUWS
Conte en investeringen stuwen Oude Dame naar succes -
FOTO EN Z'N VERHAAL
Foto en z'n verhaal: nu zwaaien naar Fer en Wijnaldum -
't WERELDJE
Lees hier de dagelijkse bijdrages
-
TRANSFERDAGBOEK
Transferdagboek 31/01: de laatste dag...
-
DOSSIER TRANSFERS
Een overzicht
van de
transfers -
DE VOORBEREIDING
Alles over de
voorbereiding van de
36 profclubs
Karl-Heinz Rummenigge, bestuursvoorzitter van Bayern MÜnchen in Voetbal International.











